PIETER PERGERRITS

 





Pieter Pergerrits - geboren op 30 augustus 1707 te Oostzaan - en gehuwd (1734 ) met de in 1714 in De Rijp geboren Anna de Lange - bleek in 1746 met achterlating van zijn gezin, naar het buitenland vertrokken te zijn.

Pieter Pergerrits was, behalve Schepen van Purmerend, een opmerkelijke man; hij was eigenaar van een brouwerij, een jeneverstokerij en een brandewijnstokerij, bezat een buitenplaats met landerijen in de Beemster en onroerend goed in Amsterdam en Purmerend. Tevens was hij aandeelhouder in handels- en scheepvaartondernemingen en handelaar in onroerend goed en obligaties. Deze laatste activiteit was de reden van zijn overhaaste vertrek uit het vaderland. Door toedoen van de curatoren kon de achtergebleven echtgenote Anna de Lange uit de geconfisceerde boedel 'haar aangebragt en aangeërft huwlijksgoed' behouden.

Na een reis via Friesland en Noord Duitsland is hij uiteindelijk in Buderup in Noord-Jutland in Denemarken terecht gekomen. Hij moet niet zonder de nodige financiën naar Denemarken zijn uitgeweken. Pieter Pergerrits vestigde zich in zijn nieuwe vaderland onder de naam Pieter van Bergen. In 1749 kocht hij voor een bedrag van dertigduizend rijksdaalders de uit de dertiende eeuw stammende 'Heerlijkheid Buderupholm' met landerijen ter grootte van ongeveer 600 km2. In de koop was de bij het landgoed behorende zeepfabriek inbegrepen.

 

 

 

Buderupholm tijdens de 18e eeuw

In november 1750 werd hij door de Geheimraad en Commissaris des Konings Baron J. Holck voorgedragen om in de adelstand te worden verheven. Dit was niet ongebruikelijk in die dagen. Mede door zijn bezittingen beschouwde men Pieter van Bergen als een aanzienlijk man.

Nadat aan alle, aan het verlenen van de adeldom gestelde voorwaarden was voldaan, werd Pieter van Bergen - en met hem zijn kinderen en nakomelingen - bij Koninklijk Besluit d.d. 21 juli 1752 in de adelstand verheven. Vanaf dit moment noemde hij zich Pieter de Lange van Bergen en behoorde hij tot de zogenaamde ongetitelde adel van Denemarken. In Nederland geldt als equivalent het predicaat 'jonkheer'. Bij deze gelegenheid werd een op perkament geschreven adelbrief met het lakzegel en de handtekening van Koning Frederik de Vijfde uitgereikt.

De adelbrief van Pieter de Lange van Bergen met het lakzegel van Koning Frederik de V

Over het leven en werk van Pieter de Lange van Bergen in Buderup komen steeds meer feiten aan het licht doordat er veel materiaal in de Deense archieven te vinden is. In ieder geval staat vast dat hij, waarschijnlijk mede onder 'het gewicht van zijn naam en titel' in Amsterdam een circa één meter hoge bronzen klok met de afbeelding van zijn nieuw verworven familiewapen en naam heeft laten gieten door Pieter van Seest. De bronzen klok werd in 1757 door Pieter de Lange van Bergen geschonken aan de romaanse kerk van Skörping.

 

 

 

 

Detail van de klok met daarin het wapen

Hoe was het ondertussen de in Holland achtergebleven echtgenote en hun kinderen vergaan? Anna de Lange had haar 'aangebragt en aangeërft huwlijksgoed' (met een waarde van ruim zestigduizend gulden) mogen behouden en kocht tevens 'huysraad en inboedel' en de brouwerij en jeneverstokerij uit de te liquideren boedel. Ook na het plotselinge vertrek van haar echtgenoot was zij zeker niet onbemiddeld te noemen. De kinderen voerden na het vertrek van de vader 'de Lange' als familienaam. Anna de Lange overleed in 1753. Vaststaat dat Pieter de Lange van Bergen contact moet hebben onderhouden met zijn gezin. Zeker één dochter, Trijntje, en twee zonen, Pieter en Claas, zijn hun vader gevolgd naar Buderup. Trijntje overleed echter al in 1754.

Uit een in 1754 opgemaakt testament blijkt dat Pieter de Lange van Bergen bepaalde dat al zijn bezittingen in Denemarken dienden te blijven. Zijn buiten Denemarken wonende kinderen moesten naar dit land verhuizen om aanspraak te kunnen maken op zijn bezit.

Hij overleed op 4 december 1757 en werd in het nabijgelegen kerkje van Buderup begraven. De graven in de kerk zijn inmiddels geruimd maar de koperen, gegraveerde plaat die zijn doodskist bedekt heeft is bewaard gebleven. De Deense tekst op deze zogenaamde 'Kisteplader' is hoogstwaarschijnlijk door Pieter de Lange van Bergen zelf opgesteld. De laatste regels luiden: 'Wat geluk U kan geven - Wat tegenspoed met zich brengt - Dat heb ik driest in mijn levensloop ervaren - Tenslotte maakt een zalige dood - Een einde aan alles - Laat de lezer dit overdenken - bij deze hoop as... '.

 

 

 

 

 

 

De "Kisteplader" van Pieter de Lange van Bergen

 

 

Uiteindelijk werd het landgoed 'Buderupsholm' voor hetzelfde bedrag als Pieter de Lange van Bergen destijds betaald had, verkocht aan een Deen. De naam de Lange van Bergen werd niet gebruikt door de volgende generaties, zij maakten immers geen gebruik van het adelijke predicaat en het familiewapen is, voor zover bekend, alleen gevoerd door de leden van de uitgestorven tak van de Schout bij Nacht, weer een "Pieter de Lange". De onlangs in Nederland getraceerde adelbrief, de uitvoerige documentatie over de genealogie van de familie hebben de Hoge Raad overtuigd om de huidige nazaten van Pieter de Lange van Bergen alsnog in te lijfen in de Nederlandse Adel. Op 21 mei 1996 werd H.O. de Lange met zijn kinderen en kleinkinderen ingelijfd. De overige nazaten die inlijving aangevraagd hebben, zijn inmiddels ook ingelijfd.


 

Terug naar de homepage