Museum Ceuclum, gehuisvest in een 500 jaar oude toren, belicht de
geschiedenis van Cuijk aan de hand van archeologische vondsten, documenten,
foto's en tekeningen.
Museum Ceuclum heeft zich tot doel gesteld om de geschiedenis van Cuijk en het
omliggende gebied te presenteren. Daarbij maakt het museum gebruik van stukken,
die afkomstig zijn van de Foto Archief Dienst Cuijk, Het Streekarchief en de Werkgroep
Archeologie Cuijk, musea en particuliere verzamelingen.
Wat kunt u in museum Ceuclum verwachten:

De zandduinen langs de rivier boden al in de steentijd een veilige verblijfplaats aan rondtrekkende rendierjagers.
De oudste sporen van hun aanwezigheid gaan zo'n 12.000 jaar terug. In en rond
Cuijk zijn stenen pijlspitsen, messen, schrabbers en ook fraai geslepen stenen
bijlen gevonden, die hebben toebehoord aan mensen uit de nieuwe steentijd.
Zeer oude voorbeelden van aardewerk, urnen en bekers, zijn afkomstig uit
grafheuvels uit de tijd dat men naast steen ook brons gebruikte voor werktuigen.
Al deze grafheuvels -aan de Hanshof en Kalkhof lagen er destijds vele- zijn in
de laatste 150 jaar verdwenen.
De Dodenberg en Gal(gen)berg ontlenen hun naam waarschijnlijk aan deze
historische begraafplaatsen.
Bij diverse opgravingen kwamen nederzettingen en grafvelden uit de ijzertijd
aan het licht, waaruit blijkt dat deze streek destijds dicht bevolkt is geweest.
Belangrijke vindplaatsen zijn het Vossehol, de Heeswijkse Kampen, de
Kraaijenbergse Plassen en het Kampseveld in Haps.
De Romeinse tijd
Veel aandacht wordt in het museum besteed aan de Romeinse periode. Vanaf
circa 50 tot 400 na Christus stond hier het Castellum Ceuclum, gelegen aan de
heerbaan Tongeren-Maastricht-Nijmegen. Aanvankelijk was het een uit hout en
aarde opgetrokken vesting, die later in steen werd herbouwd.
Oud-Cuijkenaar, Prof. Dr. J.E. Bogaers, verrichtte in de 60-er jaren uitgebreid
archeologisch onderzoek en reconstrueerde de verschillende periodes waarin het
castellum bestond. Er zijn resten van muren, grachten en twee tempels
aangetoond. In 1992-1993 hebben duikers de resten van een Romeinse brug
geborgen.

Aan de hand van de vondsten wordt een beeld geschetst van de militaire
aanwezigheid, wonen, godsdienst en begraving in de Romeinse tijd.
Na het vertrek van de Romeinen omstreeks 400 na Christus, volgt een duistere
periode van enkele eeuwen. Een Merovingische weefhut en een krijgersgraf zijn de
schaarse resten uit deze periode.
Men mag aannemen dat in de tijd van Karel de Grote ook hier het Christendom
definitief zijn intrede heef gedaan.
Verder staat de instelling van een omvangrijk dekenaat Cuijk rond het jaar 1000
vast. Omstreeks diezelfde tijd vestigden zich hier de Heren van Kuyc, maar na de
verwoesting van hun kasteel in 1133, verhuisden zij naar Grave.
Cuijk behield echter zijn regionale betekenis dankzij de hoofddingbank,
landdagen en jaarmarkten.
Cuijk na 1500
De streek werd geregeld getroffen door oorlog, plundering en brand, maar ook
door overstromingen. De Tachtigjarige oorlog betekende strijd tussen katholieken
en een kleine protestantse minderheid, die het voor het zeggen kreeg.
Met de komst van de Fransen in 1795 herkregen de katholieken hun oude rechten in
de kerk.
Tot ver in de negentiende eeuw bleef Cuijk een dorp, een kleine
boerengemeenschap met hooguit 1000 inwoners. Na 1850 komt de industriele
ontwikkeling langzaam op gang.
Pas de aanleg van een spoorlijn, maar vooral de beteugeling van de Maas door
veilige dijken, maakten een sterke groei in de twintigste eeuw mogelijk.

Museum Ceuclum, Castellum 1, 5431 EM Cuijk
Telefoon 0485-322280
Postadres: PostApart 50.000, 5430 EM Cuijk
Overgenomen van de gemeentepagina www.cuijk.nl (cultuur).